De Milan en Krieckx: een familielegende


Johanna del Corne wordt in 1635 houder van de Bank van Lening te Utrecht. Ze woont sinds 1625 op Plompetorengracht 11.


Johanna del Corne is geboren in Vlissingen en in 1613 getrouwd met Daniël de Milan. Beide families del Corne en de Milan zijn van oorsprong afkomstig uit Lombardije in Italië en hebben een in die streken meer voorkomend vak van tafelhouder, een oude naam voor bankier, houder van de Bank van Lening of ook kortaf ook wel lommerd of woekeraar. De eerste Bank van Lening in Nederland is sinds 1260 in Utrecht gevestigd. De Bank van Lening geeft contant geld tegen een ingebracht pand: een waardevol voorwerp. Het pand wordt opgeslagen in het pandhuis tot de lener zijn pand aflost. In de toelatingsbrief van de stad uit 1260 werd ook het rentepercentage op een ingebracht pand vastgesteld: meer dan zestig procent per jaar!

In 1635 neemt Johanna de Milan-del Corne de Bank over van haar overleden man, later met een compagnon. In hetzelfde jaar wordt door de schilder Thomas de Keyser het schilderij 'moeder met twee kinderen' gerealiseerd. Uit aantekeningen van De Keyzer zou hij voor het schilderen van dit schilderij gelogeerd hebben op Plompetorengracht 5-7 of op nummer 9, beiden eigendom van mw. Henrica van Duivenvoorde van Wassenaar. Heeft weduwe Johanna de Milan opdracht gegeven om haar man postuum op een schilderij te vereeuwigen? Dat schilderij is niet bekend. Maar zou tegelijkertijd een schilderij van haar met haar kinderen vervaardigt zijn? Johanna de Milan-del Corne is weduwe met de 14-jarige dochter Agnes de Milan en de 13-jarige zoon Johannes de Milan. Thomas de Keyzer heeft in 1635 onderstaand schilderij gerealiseerd. De personen op het schilderij zijn niet bekend, zou het kunnen dat dat het gezin De Milan op onderstaand schilderij staat? Een weduwe in het zwart, maar wel met de dure 'molensteegkraag' om haar hals om haar welstand te duiden:

Thomas de Keyser, onbekende vrouw met zoon en dochter,
olieverf schilderij uit 1635
De Bank van Lening zet weduwe De Milan-del Corne voort met vergunning van de gemeente tot de overname in 1663 door haar schoonzoon Justus Krieckx en zoon Johannes de Milan. De Bank van Lening is gevestigd in een oud pakhuis achter de Oudegracht, het Pandhuis in de Zwaansteeg. De poort vanaf de Oudegracht wordt Lombardenpoort genoemd. Vanaf 1625 woont de familie zo ver mogelijk van het pandhuis vandaan op de Plompetorengracht. Zo lijkt het tenminste, binnen de muren van destijds de stad Utrecht. Lange tijd blijft de familie wonen op deze gracht. Na de aankoop van nummer 11 vindt een forse verbouwing plaats, het huis krijgt een luxe aankleding met bijzonder stucwerk. Het toenmalige pand Plompetorengracht 11 is overigens veel breder dan het huidige, een stuk van het naastliggende nummer 9 hoorde er bij. Het is niet groot genoeg, door aankoop van twee huisjes van het voormalige Convent van Wittevrouwen in 1630 komt op de Molenstraat een koetshuis, stallen en mangelkamer met personeelsverblijf.

Justus Krieckx is geschilderd in 1666 door Nicolaas Maes, 
olie op canvas 109 x 92 cm; museum van Fine Arts Boedapest.
Dochter Agnes de Milan trouwt met de oudere mr. Justus Krieckx, zij erft al het bezit aan deze gracht. De familie Krieckx is tevens een bekende bankiersfamilie uit Sneek en Groningen. Justus is in Leiden gepromoveerd in de rechten. De Utrechtse professor Voetius zou zijn promotie in Utrecht hebben tegengehouden vanwege zijn lommerd achtergrond. De Bank heeft geen goede reputatie, in ieder geval niet in de 17-de eeuw na de reformatie. Naast de gehanteerde 'woekerrente' had de activiteit ook om een andere reden een wat bedenkelijke naam, namelijk een theologische. Volgens professor Voetius (1589-1676) van de Hogeschool te Utrecht, voorganger in de stroming van de Voetianen en theoloog, is de activiteit van een bank in strijd met de bijbel.
In zijn geschriften keert Justus zich sterk tegen de bestrijders van zijn vak en vooral de Utrechtse hoogleraar Voetius, die wel meer omstreden is om zijn “rechte” leer. Tussen 1647 en 1658 worden de argumenten over en weer in druk uitgegeven. Voor Voetius heeft de Islam en het Bijbels geloof een gelijke visie op het vragen van rente: het is in strijd met het geloof.

Agnes Krieckx-de Milan wordt al vroeg weduwe. Haar zoon en dochter breiden op de Plompetorengracht het bezit uit met de nummers 1, 3 en 9. Na 1715 woont alleen de nazaat Justus Ormea (kleinzoon van Agnes de Milan) op Plompetorengracht 9. Justus Ormea is eerst bankier in het familiebedrijf en houdt zich later voornamelijk met bestuurlijke zaken bezig. In het jaar van zijn overlijden is hij burgemeester van Utrecht (1744-1745). Tot 1776 blijft Plompetorengracht 9 in bezit van de familie Ormea.

Grafsteen Krieckx de Milan in de Jacobikerk van Utrecht
De legende is nog niet uit. De zoon van Johannes de Milan breidt zijn naam uit tot baron de Milan Visconti inclusief de generaties lange adellijke afkomst uit de Lombarden. Hij is in alle opzichten ambitieus en bouwt een imperium van onroerend goed uit met onder anderen het bezit van acht ridderhofsteden. Gijsbert Franco de Milan Visconti is de laatste nazaat van deze tak van de familie, met zijn broer en zus blijven ze ongetrouwd in Utrecht wonen, tot hij als laatste overblijft.
Zijn erfenis gaat in 1764 naar Jacoba Guitton, een oudtante van Gijsbert Franco baron von Derfelden. De nalatenschap van de oudtante komt in 1823 in handen van Von Derfelden. Tot de erfenis behoorden uit het bezit van De Milan Visconti nog een viertal huizen in de stad Utrecht, de twee buitenplaatsen Hinderstein en Snellenberg, vijf boerderijen en een aantal losse kavels aan landerijen in de provincie Utrecht. Von Derfelden gaat wonen op één van de geërfde buitenplaatsen: Hinderstein op Langbroek. Zijn huwelijk blijft kinderloos. Zijn hele leven heeft hij zich bezig gehouden met cartografie en dan met name de algemene kaart van Nederlands Indië. Hij overlijdt in 1857 en de bezittingen van De Milan vallen definitief uiteen.

Pas recent in 2010 zijn in het pand Plompetorengracht 11 de resten van een verbouwing door de familie De Milan gevonden: gestucte plafonds in enkele woonvertrekken. Plompetorengracht 11 is door de verbouwing gedeeltelijk in de oude luister hersteld, helaas zijn de bijzonder gestucte plafonds weer achter nieuw timmerwerk verdwenen.

.