Wolvenplein: drie huizen worden maar twintig jaar

Grote uitbreidingen van de stad Utrecht vinden in de jaren 1870-1900 plaats. De kleine huizen in de binnenstad worden aantrekkelijk: voor nieuwbouw.



In 1890 zijn Johan Beauchampet en zijn vrouw Johanna van den Elsken eigenaar van twee huizen aan het Wolvenplein. Zij gaan wonen in één van de huizen en de ander blijft verhuurd. De huisjes zien er bijna eender uit als het naastliggende huis in het rijtje van drie.

Wolvenplein 13 en 13 en 14, identiek aan 15, 16 en 17
Johanna heeft een eerder huwelijk achter de rug, haar partner overleed toen zij vijf maanden in verwachting was. Zij krijgt een dochter en hertrouwt in 1875 met Gerard Beauchampet. De Limburger Beauchampet is kantoorbediende en is voor zijn militaire dienst vanuit Maastricht naar Utrecht gekomen, hier heeft hij Johanna leren kennen. Samen krijgen ze nog zeven kinderen, waarvan er drie niet oud worden. Met z’n zevenen verhuizen ze naar het Wolvenplein, naar het knusse huisje. Het brengt hun geen geluk, in december 1890 komt vader Beauchampet te overlijden. Johanna hertrouwt in 1892 met de 20 jaar jongere Thomas Adelaar. Bij haar overlijden in 1921 wordt geen vermelding gemaakt van dit laatste huwelijk, het heeft mogelijk geen stand gehouden. Ruim voor die tijd zijn de twee huizen in 1905 verkocht.

Timmerman H.W. Verbeek is de nieuwe eigenaar. Hij kent de buurt, want heeft eerder gewoond op Wolvenplein 8. Verbeek koopt naast deze twee huizen ook een derde naastliggende huis. Alle drie zijn in 1883 nieuw gebouwd als een rijtje van zes woningen door Van Schaik en in 1890 gekocht door Betje van Zetten, gehuwd met de koffiehuishouder Van Mill. Timmerman Verbeek heeft met de helft van het rijtje (drie huisjes) een bedoeling: ze zijn twintig jaar oud en hij gaat ze slopen. Bij de gemeente heeft hij een bouwplan ingediend voor werkplaatsen met bovenwoningen en na goedkeuring wordt dit gebouwd. Hij is zijn eigen architect. De huizen zijn vrijwel identiek als twee onder één kap, maar met een geheel eigen front.

Wolvenplein 13 rechts, 14 midden en 15 links, foto Funda
Het is het huidige pand Wolvenplein 13 en 14. Wolvenplein 13 (rechts op de foto) wordt verhuurd aan Gerardus de Jager, huis- en decoratieschilder. In Wolvenplein 14bis gaat Verbeek zelf wonen, boven zijn werkplaats. Hij is getrouwd met Hendrika Vermeer en zij hebben twee zonen.

In 1918 wordt Wolvenplein 14 eigendom van de N.V. Nationaal grondbezit ‘NAGRON’ te Den Haag. Wolvenplein 13 was al verkocht aan huurder De Jager. Verbeek is het eigendom kwijt geraakt, hij kon door het gebrek aan opdrachten niet meer aan zijn betalingsverplichtingen voldoen. Het gezin verhuist eind 1918 naar de Leeuwerikstraat in Utrecht. De NAGRON weet het bezit snel kwijt te raken en Wolvenplein 14 wordt ook gekocht door schilder De Jager. Na de aankoop verhuurt hij de timmerwerkplaats met bovenwoning aan J.A. van Wijk. Van Wijk is net als Verbeek timmerman en heeft een klein aannemersbedrijfje. In het telefoonboek uit 1950 staat de zoon genoteerd ‘Aannemersbedrijf L.H. van Wijk’, werkplaats Wolvenplein 14 - woonadres F.C. Dondersstraat 35. In 1969 wisselen de panden van eigenaar.

Zakelijk en privé gezien is het leven voor timmerman Verbeek niet makkelijk gelopen (hij overlijdt als gescheiden man in 1955), maar zijn nalatenschap bestaat wel uit een prachtig pand aan het Wolvenplein. Het is nog steeds een bedrijfs- en woonpand, nu in gebruik bij o.a. de kunstenaars Halina Zalewska, Hans Laban en DataCT. De bedrijvigheid is gebleven, slechts aangepast aan de tijdgeest.

.